Vragen? E-mail de Doping Infolijn: dopingvragen@dopingautoriteit.nl
http://www.dopingautoriteit.nl/wat_is_doping/dopingcategorieen/chemische_en_fysieke_manipulatie

Chemische en fysieke manipulatie

Het rommelen met het urinemonster voor, tijdens of na de dopingcontrole is een vorm van manipulatie. Daarom behoort dit tot de verboden methoden. Voorbeelden hiervan zijn: het toevoegen van stoffen aan de urine om de aanwezigheid van verboden stoffen te verdoezelen, het vervangen van de urine in de blaas door middel van katheterisatie en het aanbrengen van een infuus om het bloed te verdunnen. Ook het afgeven van andermans urine bij de dopingcontrole is een vorm van fysieke manipulatie.
In het verleden zijn daar ook wel hilarische voorvallen geweest, zoals de wielrenner die de urine van zijn zwangere vrouw inleverde…

Wat is chemische manipulatie?

Chemische manipulatie kan plaatsvinden door het inbrengen van proteasen in de plasbuis. Proteasen zijn enzymen die eiwitten in stukjes knippen. Zo kunnen eiwitten uit verboden stoffen niet meer in de urine aangetroffen worden. Het nadeel is echter dat deze eiwitafbrekende enzymen geen onderscheid maken tussen van buitenaf toegevoegde - en lichaamseigen eiwitten. Alle eiwitten worden afgebroken. Bij de dopingcontrole worden er dan ook geen lichaamseigen afbraakproducten gevonden. Door de afwezigheid van afbraakproducten van de eiwitten maakt de sporter zich dus gelijk verdacht. Dit leidt dus altijd tot een sanctie vanwege chemische manipulatie van het urinemonster.

Zijn er wel eens sporters betrapt op chemische manipulatie? 

De Ierse zwemster Michelle de Bruin-Smith werd in 1998 geschorst, omdat haar urinemonster alcohol bevatte. Hoewel het gebruik van alcohol bij het zwemmen niet verboden is, wekte het toch de indruk dat zij geprobeerd heeft om de aanwezigheid van verboden stoffen in haar urine te camoufleren door het gebruik van alcohol.

Wat is fysieke manipulatie?

Fysieke manipulatie wordt toegepast door het inbrengen van een infuus met als doel het bloed te verdunnen of de samenstelling te beïnvloeden waardoor grenswaarden in het kader van gezondheidscontroles minder snel worden overschreden. Het inbrengen van een infuus kan echter tot infecties leiden. Bovendien wordt het niet-medisch gebruik van intraveneuze infusen gezien als een overtreding van de ‘spirit of sport’.

 

Intraveneuze infusies zijn verboden,
tenzij ze legitiem worden gegeven bij ziekenhuisopnames of klinisch onderzoek.

Een ander voorbeeld van fysieke manipulatie is het afgeven van oude of andermans urine tijdens de dopingcontrole door middel van katheterisatie. Katheterisatie is het inbrengen van een buisje in het urinekanaal om urine uit de blaas te laten weglopen. Heeft de sporter in een eerder stadium een katheter ingebracht en schone of andermans urine in de eigen blaas gebracht, dan zal tijdens de dopingcontrole deze urine weer te voorschijn komen.
Katheterisatie kan echter tot complicaties leiden, zoals beschadiging van de plasbuis en blaasontsteking.

Zijn er wel eens sporters betrapt op fysieke manipulatie? 

In 1978 werd de Belg Michel Pollentier tijdens de Tour de France bij de dopingcontrole betrapt toen hij zuivere urine van iemand anders in een condoom onder zijn oksel had verstopt. De bedoeling was dat de urine uit het peertje (Vlaams voor condoom) via een ingenieus stelsel van slangetjes die hij op zijn lichaam had geplakt in het urinepotje van de dopingcontroleur zou worden gedeponeerd. Hij kreeg de sluiting van het ‘urinereservoirtje’ onder zijn oksel niet los. Het gerommel met het urineafvoersysteem wekte de achterdocht van de dopingcontroleurs. Zijn trui werd opgelicht en het ingenieuze systeem werd ontdekt. Hij werd uit de Tour genomen en het leverde hem de bijnaam ‘Peerke’ op.
Een variatie op deze methode is de Whizzinator (zie foto). De Whizzinator werd genoemd als manier om dopingtesten te omzeilen. De Whizzinator bestaat uit een heupgordel waaraan een urinereservoirtje en een kunstpenis zijn bevestigd. In het urinereservoirtje werd schone urine opgeslagen die de sporter dan tijdens de dopingcontrole zou kunnen inleveren. Deze methode is echter niet bruikbaar. Tijdens de dopingcontrole moet de sporter onder toezicht plassen, waarbij hij zijn bovenlijf tot aan de oksels – en zijn onderlijf tot aan zijn knieën moet ontbloten.

De sporter kan ‘schone’ urine in een reservoirtje opslaan en
deze via de Whizzinator afstaan voor de dopingcontroleprocedure.


In 2007 bij de wereldkampioenschappen gewichtheffen in Thailand werden Moechit Oesenbajev uit Kazachstan en Thant Zin Hnin uit Myanmar betrapt bij het sjoemelen met hun urinemonster. Het leverde hen twee jaar schorsing op.

Follow us: